Het begon in Muiden
De eerste zeilcharters
In Muiden werd zo’n 45 jaar terug de zeilchartervaart geboren. Hier lagen de eerste botters en tjalken die passagiers aan boord namen voor een dag, een weekend of een week avontuurlijk zeilen. Sindsdien hebben tal van traditionele ‘Muider’ schepen hun gasten een onvergetelijke zeiltocht bezorgd. Bekende platbodemschippers maakten Muiden nog bekender en leverden hun bijdrage aan een rijke historie.
Welvaart door scheepvaart
De ligging aan de Vechtmonding betekende dat Muiden de controle had over de invoer naar het Utrechtse achterland. De tol leverde geld op, het kasteel dwong af dat er ook echt betaald werd.
Muiden lag tevens aan de kortste route van Amsterdam naar het noorden en het oosten. Op het kruispunt van water en weg ontstond dan ook een levendig stadje. Ook in latere tijden bracht de Vecht welvaart. Aan de Ossenmarkt kwam het vee uit Denemarken aan land, aan de noordoever ontstonden scheepswerven en iets meer naar het zuiden verrees de Bouvy zoutfabriek. Zonder de Vecht was Muiden nooit Muiden geworden.
Botters, tjalken, schippers en gasten
In 1967 verschenen de eerste verhuurbotters in de Muider haven. Sommige waren in goede staat, andere moesten nodig (of voortdurend) opgeknapt worden. Het was avontuurlijk zeilen op deze schepen, met weinig comfort. Botters hadden geen lieren, alles ging op handkracht. Al snel volgden er ook enkele tjalken die ‘in de verhuur’ gingen.
De belangstelling voor zeilen met traditionele schepen groeide snel en bleef groeien. Steeds meer schippers stapten over van ‘een weekeindje varen als bijverdienste’ naar een fulltime bestaan als charterschipper. Steeds meer mensen ontdekten hoe leuk het was om met z’n allen het water op te gaan. En ze bleven gaan: er zijn groepen die al 15 jaar achter elkaar bij dezelfde schipper een week of weekend boeken.
De Nederlandse zeilchartervaart is inmiddels uitgegroeid tot een volwaardige bedrijfstak met zo’n 500 schepen. De laatste jaren is er een duidelijke ontwikkeling naar ‘meer comfort aan boord’. Tegelijkertijd zijn er – ook bij Zeilvloot Muiden - schepen die juist het sportieve en het authentieke willen bewaren.
Je kunt in meerdere havens aan het IJsselmeer een zeilschip huren. Maar Muiden blijft de plek waar het ooit begon.
De bruine vloot van Muiden, 1971
Harry, Gerrit en Willem
De Botterkoning
Harry Smit wilde de oude bottervloot in ere herstellen en zo een stukje Nederlandse historie voor de toekomst behouden. Restauratie en vervolgens verhuur voor recreatieve tochten was de meest voor de hand liggende oplossing. Op verschillende werven werden afgedankte visserijschepen opgekalefaterd, om vervolgens vanuit Muiden met passagiers opnieuw uit te varen. Het ging in die tijd (eind jaren zestig) om botters als de HK 21, de HK 72, de EB 46 en de ZS 13. Ook andere typen schepen kregen een nieuw leven, zoals de Texelse blazer TX 33 en de Lemsteraak WL 18.
Ondertussen nam Harry ook het initiatief voor een ontmoetingsplaats aan de wal voor de zeilschippers: aan de Herengracht verscheen het Schippershuis. Het was er altijd gezellig, met verse koffie en appeltaart. Eind 1981 werd het Schippershuis door brand verwoest. Niet lang daarna pakte Harry z’n biezen en opende in Amsterdam aan het IJ café De Zeilvaart.
Rooie Gerrit
Gerrit Portengen werd aangetrokken door de laatste zeilende beroepsvaart en kwam naar Muiden. In 1958 voer hij zijn eerste charter met de botter UK 127 van Piet Dekker. Hij kwam ook in contact met Harry Smit. Ze dachten hetzelfde over zeilende monumenten: deze schepen moesten niet naar de sloper maar blijven varen. Een van de eerste botters die ze redden, was de ZS 13 van Zwarte Pietje uit Zwartsluis. Door met gasten te varen kon de restauratie bekostigd worden
Gerrit is altijd zeer betrokken geweest bij het behoud van een open IJsselmeer en nog steeds actief met protesten tegen onder meer het oprukken van IJburg en Almere en de dreiging van een railverbinding door het Markermeer. Ook in zijn gedichtenbundel ‘Tijd voor bezinning’ heeft hij daar blijk van gegeven.
In de loop van de jaren heeft Gerrit tal van schepen onder zijn hoede gehad. Hij is eigenaar geweest van de botter HK 23, de tjalken Gouden Reael, Liberté, Zuiderzee, Waerdt van Catwijck en Volharding, de klipper Anna en de tjalk Jacobsschelp waar hij nu op vaart.
Rooie Gerrit is - nog steeds - beroemd en berucht op het IJsselmeer, van Ome Ko in Muiden tot Tante Marie in Hoorn.
Willem Trekkast
Willem Grift begon als ‘maat met accordeon’ bij Rooie Gerrit, aan boord van de Liberté. In 1978 nam hij het schip van hem over. Willem was een bekende verschijning in de havenkroegen, met zijn trekkast of in het iets grotere gezelschap van het Schippersorkest. Zoals ze in Volendam wel zeiden: “Circus Muiden is er weer”. Willem is in 2008 overleden.
De Liberté is verkocht en uit de vaart genomen. Het schip werd in 1908 gebouwd te Farmsum bij Delfzijl, in opdracht van Egbert Wagenborg. De directie van rederij Koninklijke Wagenborg in Delfzijl heeft het schip in de oorspronkelijke staat teruggebracht en een mooie plek in haar kantoorpand gegeven. Na 100 jaar was de Liberté weer thuis.